ADHD bij volwassenen
ADHD wordt bij volwassenen vastgesteld met uitgebreide diagnostiek en niet met een vragenlijst op internet. Deze pagina beschrijft hoe dat onderzoek verloopt, welke medicatie wordt gebruikt, waarom stimulantia onder de Opiumwet vallen en door ons niet worden voorgeschreven, en wat er naast medicatie werkt.
Hoe wordt ADHD bij volwassenen vastgesteld?
De diagnose berust op een uitgebreid gesprek waarin de klachten in kaart worden gebracht: aandacht die wegzakt, moeite met plannen en afmaken, snel afgeleid zijn, uitstelgedrag, innerlijke onrust, impulsiviteit en wisselende stemming. Bepalend is dat de kenmerken al in de kindertijd aanwezig waren, in meerdere levensgebieden voorkomen en werkelijk belemmerend zijn.
Daarbij hoort informatie van buiten uzelf. Rapporten van school, herinneringen van ouders of een partner en gestructureerde vragenlijsten worden gebruikt om het beeld te toetsen, omdat terugkijken op de eigen jeugd notoir onbetrouwbaar is.
Even belangrijk is het uitsluiten van andere verklaringen. Slaaptekort en slaapapneu, een depressie, een angststoornis, een trauma, een bipolaire stoornis, een traag werkende schildklier, bloedarmoede, alcohol- en middelengebruik en de bijwerkingen van medicijnen geven alle concentratieklachten die op ADHD lijken. Behandelen van de verkeerde oorzaak helpt niet en kan schaden.
Om die redenen wordt de diagnose in Nederland gesteld door een psychiater, een klinisch psycholoog of een gespecialiseerd team, na verwijzing door de huisarts. Wij stellen deze diagnose niet en kunnen dat op afstand ook niet verantwoord doen.
Welke medicatie wordt gebruikt?
De medicatie valt uiteen in twee groepen. Stimulantia zijn methylfenidaat in kortwerkende en langwerkende vorm, dexamfetamine en lisdexamfetamine. Ze verhogen de beschikbaarheid van dopamine en noradrenaline in de hersenen en zijn bij een deel van de mensen effectief op aandacht, impulsiviteit en onrust. Ze vallen in Nederland onder de Opiumwet.
De tweede groep zijn de niet-stimulantia. Atomoxetine remt de heropname van noradrenaline en valt niet onder de Opiumwet. Guanfacine wordt vooral bij kinderen en jongeren gebruikt. Bupropion wordt soms buiten de registratie om ingezet. Deze middelen werken geleidelijker: het effect komt pas na enkele weken en is gemiddeld kleiner dan dat van stimulantia, maar ze zijn een optie bij een verslavingsgeschiedenis, bij ernstige angst of wanneer stimulantia niet worden verdragen.
Medicatie is bij ADHD geen behandeling op zichzelf. In de Nederlandse richtlijnen staat ze naast psycho-educatie, structuur aanbrengen, coaching en, bij bijkomende klachten, psychologische behandeling. Dat is meer dan een formaliteit: wie alleen een tablet krijgt, verandert de omstandigheden niet die de klachten dagelijks in stand houden.
Waarom worden stimulantia niet via een online traject voorgeschreven?
Methylfenidaat, dexamfetamine en lisdexamfetamine schrijven wij niet voor. Ook niet als herhaling van een lopend recept en ook niet in een lage dosering.
De eerste reden is juridisch. Verdovende middelen en psychotrope stoffen zijn uitgesloten van het grensoverschrijdende recept op grond van artikel 11, lid 6 van richtlijn 2011/24/EU. In Nederland vallen deze middelen bovendien onder de Opiumwet, met eigen regels voor voorschrijven en afleveren. Een recept uit een andere lidstaat is voor deze groep dus geen begaanbare weg, hoe stabiel uw behandeling ook loopt.
De tweede reden is inhoudelijk. Instellen en volgen van stimulantia vraagt om herhaalde metingen van bloeddruk, hartslag en gewicht, om aandacht voor slaap, eetlust en stemming, en om het opmerken van misbruik of het doorgeven aan anderen. Bij hartklachten in de voorgeschiedenis of onverklaarde flauwvallen is aanvullend onderzoek nodig voordat wordt gestart. Dat laat zich niet verantwoord met een formulier organiseren.
Gebruikt u deze middelen en dreigt u zonder te komen, neem dan contact op met uw voorschrijver of huisarts. Abrupt stoppen is niet gevaarlijk zoals bij sommige andere middelen, maar geeft wel een duidelijke terugval in functioneren, vermoeidheid en somberheid.
Wat is atomoxetine?
Atomoxetine is een niet-stimulerend middel dat de heropname van noradrenaline remt. Het valt niet onder de Opiumwet en volgt de gewone regels voor receptplichtige geneesmiddelen. Het effect bouwt langzaam op: de eerste verandering is meestal na twee tot vier weken merkbaar en het volle effect pas na enkele maanden, wat geduld vraagt en de reden is dat mensen er te vroeg mee stoppen.
Het middel werkt de hele dag door, waardoor er geen terugval aan het eind van de middag ontstaat zoals bij kortwerkende stimulantia. Het geeft geen roeseffect en heeft geen verslavingspotentieel, wat het een optie maakt bij een verslavingsgeschiedenis.
Bijwerkingen zijn misselijkheid, verminderde eetlust, droge mond, vermoeidheid, hoofdpijn, slaapproblemen en seksuele bijwerkingen. Bloeddruk en hartslag kunnen stijgen en horen gecontroleerd te worden. Zeldzaam maar belangrijk zijn leverproblemen, waarbij gele verkleuring van huid of ogen, donkere urine, jeuk of pijn rechtsboven in de buik een reden zijn om direct te stoppen en contact op te nemen. Bij jongeren is een toename van suicidale gedachten beschreven, vooral in de beginfase.
Instellen en volgen hoort daarom bij een behandelaar met controlemomenten. Wij starten dit middel niet.
Controle en bijwerkingen bij ADHD-medicatie
Bij alle ADHD-medicatie wordt voor de start gekeken naar bloeddruk, hartslag, gewicht, lengte, slaap, eetlust en stemming, en naar hart- en vaatziekten in de eigen voorgeschiedenis of in de familie. Onverklaard flauwvallen, hartkloppingen bij inspanning of plotse hartdood bij een familielid op jonge leeftijd zijn redenen voor aanvullend onderzoek voordat wordt begonnen.
Daarna volgen controles bij elke dosisaanpassing en periodiek daarna. Gelet wordt op stijging van bloeddruk en hartslag, gewichtsverlies door verminderde eetlust, inslaapproblemen, prikkelbaarheid aan het eind van de dag wanneer het middel uitwerkt, hoofdpijn en tics.
Ook de stemming hoort in beeld te blijven. Somberheid, angst en het gevoel afgevlakt te zijn komen voor en zijn een reden om de dosering of het middel te heroverwegen, niet om door te zetten.
Verder telt de context. Alcohol, cannabis en cafeïne beïnvloeden het effect; onvoldoende slaap ondermijnt het volledig. En medicatie is een hulpmiddel bij het opbouwen van structuur, geen vervanging ervan: zonder aanpassingen in werk, studie en dagindeling blijft het resultaat beperkt.
Wat werkt naast medicatie?
Psycho-educatie komt op de eerste plaats: begrijpen hoe aandacht, prikkelverwerking en planningsvermogen bij u werken, verandert hoe u uw dag inricht en hoe u naar oude mislukkingen kijkt. Voor partners en huisgenoten geldt hetzelfde.
Praktische strategieën doen daarna het meeste werk. Een vast systeem voor taken en afspraken buiten uw hoofd, grote klussen opknippen in stappen van twintig tot dertig minuten, werken in blokken met vaste pauzes, prikkels beperken met een koptelefoon of een opgeruimde werkplek, en vaste momenten voor administratie en post. Belangrijk is dat een systeem eenvoudig genoeg is om vol te houden op een slechte dag.
Cognitieve gedragstherapie gericht op ADHD helpt bij uitstelgedrag, emotieregulatie en het negatieve zelfbeeld dat na jaren van tekortschieten is ontstaan. Coaching richt zich meer op de dagelijkse uitvoering.
Slaap verdient aparte aandacht, omdat een verlaat slaapritme bij ADHD veel voorkomt en slaaptekort de klachten versterkt. Regelmatig bewegen, beperken van alcohol en cannabis, en aandacht voor werk of studie waarin uw sterke kanten tot hun recht komen, doen daarnaast meer dan vaak wordt aangenomen.
ADHD, rijbewijs, werk en studie
Bij het aanvragen of verlengen van een rijbewijs vult u een gezondheidsverklaring in bij het CBR. Daarbij kunnen aandoeningen die de rijgeschiktheid beïnvloeden en het gebruik van bepaalde medicijnen een rol spelen; wat in uw situatie geldt, kunt u navragen bij het CBR of bij uw behandelaar. Onjuist of onvolledig invullen kan gevolgen hebben voor uw verzekering.
Op het werk hoeft u een diagnose niet te melden. Wel kunt u om aanpassingen vragen, zoals een rustige werkplek, duidelijk afgebakende taken, schriftelijke bevestiging van afspraken of flexibele werktijden. Loopt u vast door gezondheidsklachten, dan is de bedrijfsarts degene die over werkbelasting en werkhervatting adviseert.
In het onderwijs bestaan voorzieningen zoals extra tentamentijd, een aparte ruimte of gespreide toetsen. Die regelt u via de studentendecaan of de begeleider van uw opleiding; daarvoor is doorgaans een verklaring van uw behandelaar nodig, niet van een arts die u niet kent.
Wij geven zulke verklaringen niet af op basis van een vragenlijst, omdat de instantie die erom vraagt terecht verwacht dat de opsteller u werkelijk heeft beoordeeld.
Wat wij bij ADHD wel en niet doen
Wij stellen geen ADHD-diagnose, verrichten geen diagnostisch onderzoek en schrijven geen stimulantia voor. Voor methylfenidaat, dexamfetamine en lisdexamfetamine is er bij ons geen aanvraag, geen beoordeling en geen document, ook niet als herhaling. Datzelfde geldt voor benzodiazepinen, slaapmiddelen van het zolpidem-type, gabapentinoiden zoals pregabaline en gabapentine, en voor medicinale cannabis.
Deze pagina verwijst u daarom niet door naar een bestelformulier. Vermoedt u ADHD, dan is uw huisarts de ingang: die kan andere oorzaken uitsluiten en verwijzen naar de geestelijke gezondheidszorg. Houd rekening met wachttijden die in Nederland kunnen oplopen tot maanden; uw zorgverzekeraar kan bemiddelen bij het vinden van een plek met een kortere wachttijd.
Wat wij wel doen, is het beoordelen van de voortzetting van chronische medicatie buiten de uitgesloten groepen, bijvoorbeeld bij bloeddruk, schildklier, maagzuur of anticonceptie. Dat gebeurt met een medische vragenlijst en een beoordeling door een arts; er is geen videoconsult en geen telefonisch spreekuur.
Gaat het slechter met u, spelen er gedachten aan zelfdoding of neemt uw middelengebruik toe, neem dan contact op met uw huisarts, buiten kantooruren met de huisartsenpost, of met 113 Zelfmoordpreventie via 0800 0113. Bij acuut gevaar belt u 112. Medisch gecontroleerd op 29 augustus 2026 door lek. Damian Wojno, arts ingeschreven in Polen, PWZ-nummer 3211301, artsenkamer in Olsztyn.
Hoe wordt ADHD bij volwassenen vastgesteld?
Met een uitgebreid gesprek over klachten en beloop, aangevuld met gestructureerde vragenlijsten en informatie van ouders, partner of oude schoolrapporten, omdat de kenmerken al in de kindertijd aanwezig moeten zijn geweest. Daarnaast worden andere verklaringen uitgesloten, zoals slaapapneu, depressie, angst, schildklierproblemen en middelengebruik. De diagnose stelt een psychiater of klinisch psycholoog, na verwijzing door de huisarts.
Welke medicatie is er?
Stimulantia zoals methylfenidaat, dexamfetamine en lisdexamfetamine, die in Nederland onder de Opiumwet vallen, en niet-stimulantia zoals atomoxetine, guanfacine en soms bupropion. Stimulantia werken sneller en gemiddeld sterker; niet-stimulantia hebben weken nodig maar zijn een optie bij een verslavingsgeschiedenis of bij ernstige angst. Medicatie staat naast psycho-educatie en begeleiding.
Waarom geen online recept voor stimulantia?
Omdat verdovende en psychotrope middelen zijn uitgesloten van het grensoverschrijdende recept op grond van artikel 11, lid 6 van richtlijn 2011/24/EU, en omdat deze middelen in Nederland onder de Opiumwet vallen. Inhoudelijk vragen ze herhaalde controle van bloeddruk, hartslag, gewicht, slaap en stemming. Wij schrijven ze niet voor, ook niet als herhaling.
Wat is atomoxetine?
Een niet-stimulerend middel dat de heropname van noradrenaline remt en niet onder de Opiumwet valt. Het werkt de hele dag, geeft geen roeseffect en is niet verslavend, maar heeft weken tot maanden nodig voor het volle effect. Aandachtspunten zijn misselijkheid, verminderde eetlust, stijging van bloeddruk en hartslag en, zeldzaam, leverproblemen. Wij starten dit middel niet.
Hoe lang duurt het traject?
Reken op een verwijzing van de huisarts, gevolgd door een intake en diagnostiek die meerdere afspraken beslaat, en daarna een instelperiode met controles. De wachttijden in de geestelijke gezondheidszorg lopen in Nederland vaak op tot maanden. Uw zorgverzekeraar kan bemiddelen bij het zoeken naar een aanbieder met een kortere wachttijd.